Schapenziekten

 

 

Uit de syllabus: 'Wormen bij schapen en geiten', november 2013

Samengesteld door:

-Drs. J.M. van Andel, dierenarts

-Dr. Ir. H.W. Ploeger, parasitoloog

-Ir. G.C. Six, schapen- en geitenhouder

 

De syllabus biedt de schapen- en geitenhouder de basiskennis over de belangrijkste wormen en wormziekten bij schapen en geiten.

www.schapenpedia.nl/images/1/1b/Syllabus_wormen_web.pdf

Een uitgebreid handboek over wormen en wormenbestrijding!!!

De Fokkersvereniging voor Ouessantschapen, de FOS, heeft een uitgebreid overzicht op de site betreffende verschillende ziektes die bij schapen kunnen voorkomen.

Zie: www.ouessant.nl/verzorging/ziekten/.

 

Myasis; huidmadenziekte.....een schaap dat niet op tijd wordt behandeld wordt levend opgegeten.

Door: dr Piet Vellema (GD); tijdschrift: "Het Schaap", februari 2007.

 

Myasis is een pijnlijke huidaandoening bij schapen waarbij vliegenlarven de schapenhuid beschadigen en opeten. Jaarlijks komen de maden voor bij 2% tot 5% van de schapen en lammeren in ons land. Per schapenhouder varieert het percenage aangedane dieren sterk: van 0% tot 28%.

Vooral de maden van de blauwgroene bromvlieg, Lucilia sericata, veroorzaken in ons land myasis. Deze vlieg wordt ook wel de groene vleesvlieg of de schapengoudvlieg genoemd.

De Lucilia sericata vliegt van ongeveer april tot eind oktober, afhankelijk van het weer. De meeste myasisproblemen doen zich voor in juli en augustus, in de warmste periode van het jaar. Per gebied kunnen hierin echter behoorlijke verschillen voordoen. De vlieg heeft eiwitrijk voedsel nodig om te kunnen leven en zich voort te planten.

Op schapen met korte wol (geschoren schapen) komt de vliegenlarve niet voor. De larven voeden zich het best in wol met een vochtigheidsgraad van minimaal 70% en in een wollengte van minimaal 2,5cm.

De dood van het schaap gebeurt als gevolg van de vliegenlarve infectie als gevolg van shock, weefselverlies, infectie en vergiftiging.

Dieren met maden vertonen specifiek gedrag. Aanvankelijk schuren ze de aangedane plekken en proberen ze ernaar te bijten. Bij een duidelijke huidaantasting worden de schapen sloom, eten ze niet meer en gaan snel achteruit in conditie.

Een dier met myasis moet zo snel mogelijk worden behandeld, behandeling van het dier kan niet worden uitgesteld tot de volgende dag. Behandel het dier met behulp van een bestrijdingsmiddel dat te verkrijgen is bij de (groot vee-)dierenarts. Is een schaap uit de kudde besmet, behandel dan de rest van de kudde preventief door ze te scheren of ze preventief te behandelen met een middel verkregen bij de dierenarts.

 

De cyclus van de vlieg verloopt volgens een vast patroon. De volwassen vrouwtjes kunnen overal op een schaap of lam eieren leggen. In enkele uren tot enkele dagen komen de eerste larven. Ze vervellen 2 keer in enkele dagen tot enkele weken. Het laatste larvale stadium groeit uit, valt op de grond en verpopt zich daar. Uit de poppen komen in de zomer in enkele dagen tot een week volwassen vliegen.

Meestal duurt de hele cyclus twee tot drie weken, onder ideale omstandigheden een week. De snelheid van ontwikkeling is afhankelijk van temperatuur en vochtigheid. Per jaar zijn minimaal zes tot zeven cyclussen mogelijk. In het najaar stopt de cyclus. De larven overwinteren in de grond en blijven inactief zolang de temperatuur niet hoger is dan 7 graden. Bij hogere temperaturen en voldoende vochtigheid gaat de ontwikkeling weer verder.

De levensduur van de vlieg is ongeveer een maand. In die periode legt ze duizend tot drieduizend eieren, verspreid over meerdere kleine pakketjes. In een jaar met zeven cyclussen kan één Lucilia sericata die in april begint met vliegen, aan het eind van het vliegseizoen voor miljoenen nakomelingen hebben gezorgd. Bij geschikte weersomstandigheden neemt de infectiedruk dus in de loop van de maanden toe.

De larven van het eerste larvale stadium hebben geen mondhaken. Ze beschadigen de huid wel, maar gaan er eigenlijk nooit doorheen. Vier uur nadat de larfjes uit het ei gekomen zijn, treden de eerste huidbeschadigingen op. Larven die één of twee keer zijn verveld, hebben wel mondhaken en zij beschadigen daarmee de huid ernstiger. Vanaf 24 uur na het eerste huidcontact verergeren de beschadigingen snel. Na 48 uur kunnen de maden duidelijke gaten in de huid maken. De maden voeden zich dan met vrijkomend weefselvocht en met onderliggend weefsel.

De huidbeschadigingen trekken nieuwe vliegen aan. Niet alleen Lucillia's maar ook vliegen die zonder beschadiging geen myasis kunnen veroorzaken. Ook zij leggen eieren, waardoor het probleem snel verergert. Vijf dagen nadat de eerste eieren zijn gelegd, kan het schaap sterven.

Gezondheid en ziekte

Auteur: Hans L. Schippers, Uitg: Roodbont uitgeverij, "Schapen", ISBN: 978-90-8740-005-7

 

" Sommige schapenziekten zijn aangifteplichtig. Dat wil zeggen dat u ze bij voorkomen aan de officiele instanties moet melden, zodat verdere verspreiding zoveel mogelijk kan worden voorkomen. Mond- en klauwzeer, blauwtong, rotkreupel zijn hier voorbeelden van.

Uw dierenarts is op de hoogte welke maatregelen onder welke omstandigheden genomen moeten worden. Omdat de maatregelen regelmatig veranderen, kunt u dit het beste op het moment van voorkomen met uw dierenarts bespreken.

 

Chlamydophila abortus

De Chlamydophila abortus is een bacterie die bij zoogdieren, waaronder het schaap en de geit, abortus veroorzaakt: het vroegtijdige verwerpen van de vrucht.

Bacterien hebben een gastheer (levende cellen) nodig om goed te kunnen overleven. Buiten een lichaam en bij lage temperaturen blijven ze enkele dagen infectieus. De besmetting kan direct en indirect voorkomen. De incubatietijd is minimaal 35 tot 42 dagen. Deze bacterie tast de placenta aan, die verandert en beschadigt, wat uiteindelijk tot abortus zal leiden. Het is een tamelijk besmettelijke ziekte aan het begin van de dracht. Ook rammen kunnen deze ziekte overbrengen. Let op: deze ziekte kan ook op mensen, zwangere vrouwen dus, overgaan.

 

Blauwtong

Is een virusziekte veroorzaakt door een Orbi-virus.

Hoewel blauwtong voornamelijk onder schapen klinische verschijnselen veroorzaakt, kunnen rundvee en in mindere mate, ook geiten besmet en ziek worden.

Blauwtong is niet besmettelijk voor mensen. Sinds mei 2008 wordt tegen deze ziekte ge-ent.

Bij deze ziekte spelen muggen behorende tot de familie Culicoides, in de volksmond knutten genoemd, een rol als besmetter. Als deze mug in voldoende mate drager is van dit virus en zij steekt een van de eerdergenoemde dieren, dan raakt dit dier besmet.  

Het virus kan zich in de mug vermenigvuldigen als de omgevingstemperatuur minimaal 15 graden Celsius is. Door deze ziekte raken bloedcirculatie en ademhaling ernstig verstoord door ernstige beschadiging van de bloedvaten. De incubatietijd bij schapen ligt tussen 5 en 25 dagen.

Bij de klinische vorm ziet u de volgende verschijnselen:

-verhoogde temperatuur voor gedurende enkele tot 8 dagen (variatie van 2 tot 11 dagen);

-snellere ademhaling door de temperatuurstijging en aantasting van de longen;

-ontstoken en verzweerd slijmvlies in de bek;

-afbraak van het slijmvlies in de bek;

-opgezwollen en blauwgekleurde tong in enkele gevallen; kreupelheid;

-drachtige dieren kunnen aborteren;

-bij schapen kan breuk van de wolvezels optreden waardoor kaalheid kan optreden;

-problemen met de luchtwegen;

-vermagerde dieren;

-binnen enkele tot 10 dagen overlijden de dieren, of ze herstellen volledig- sterfte kan echter ook optreden bij dieren die weinig symptomen hebben vertoond.

Soms treedt herstel op, maar groeiachterstand en onvruchtbaarheid komt daarna voor. Schapen kunnen elkaar onderling niet besmetten. Het is mogelijk om de dieren in gebieden waar deze ziekte voorkomt te vaccineren.

 

Haemonchose

Deze ziekte wordt veroorzaakt door de bloedzuigende lebmaagworm Haemonchus contortus, die vooral onder lammeren grote schade kan aanrichten. Kenmerken zijn bloedarmoede, slechte groei, vermagering, onderkaak oedeem en harde ingedroogde mestkeutels. De sterfte als gevolg van deze ziekte kan groot zijn. Om de ziekte vast te kunnen stellen is mestonderzoek noodzakelijk.

 

De larven overwinteren in een soort winterslaap in de ooien. Als ooien in het voorjaar niet worden ontwormd na het aflammeren, kunnen hun eieren in grote aantallen worden uitgescheiden in de weide. Eind mei zijn er zo weer nieuwe larven op de wei. Opname door lammeren maakt dan de kringloop weer rond. Een wormziekte die te bestrijden is, door tijdig vloeibare wormmiddelen toe te dienen.

Kijk op www.gddiergezondheid.nl/ voor meer informatie.

 

Q-koorts

Dit is een ziekte, ook besmettelijk voor de mens, die veroorzaakt wordt door een bacterie Coxiella burnetii. De besmetting kan verlopen via rundvee, schapen en geiten, maar ook via honden, katten en vogels. De ziekte kan met sommige antibiotica behandeld worden. De besmetting kan optreden door inademing van de besmette stof van stallen, weiland, ruwe wol en dierenhuiden, evenals door consumptie van rauwe melk en onvoldoende verhit vlees. Een enkele bacterie kan al besmetten. De incubatietijd kan van 9 tot 40 dagen zijn. Buiten de gastheer kan deze bacterie lang blijven leven. De ziekteverschijnselen bij mensen zijn die van een flinke griep. Na ongeveer 10 dagen kan men weer hersteld zijn, maar er is ook een chronische vorm van bekend.

 

Soms voorkomende ziekten bij schapen:

A-vitaminose

Dit is een zogenoemde gebreksziekte met als oorzaak een gebrek aan bepaalde vitamine(n). Een bekend voorbeeld is een te kort aan vitamine D, waardoor rachitis (Engelse ziekte) optreedt.

 

Caseous lympheadenitis (CL) ook wel paratuberculose

Ook wel de bultenziekte of de veretterende lymfeklierontsteking genoemd, is een besmettelijke ziekte van geiten en schapen, maar kan ook bij paarden en runderen én mensen voorkomen. De oorzaak is een bacterie -Corynebacterium pseudotuberculosis- ook wel pseudo tuberculose genoemd. Kenmerkend is de zwelling van één of meer oppervlakkige of inwendige lymfeklieren. De abcessen die hierbij voorkomen kunnen doorbreken en ogenschijnlijk genezen. Ook inwendige lymfklieren kunnen worden aangestast. Schapen en geiten kunnen elkaar besmetten door opengebroken abcessen. Intensief contact hiermee verhoogt de besmettingskans. De bacterie kan zeer lang besmettelijk blijven. De incubatietijd ligt tussen één en zes maanden. Daardoor kan besmetting al optreden voordat ziekteverschijnselen zichtbaar zijn. De ziekte is bij sectie en bloedonderzoek aan te tonen. Behandeling is niet mogelijk, ook niet met antibiotica.

 

Coccidiose

Dit is een parasitaire aandoening. Hierbij richten coccidien (ééncellige organismen)  schade aan in de darmslijmvliezen en darmwand, met als gevolg diarree met bloed. In de regel komt de schade voor in het maagdarmkanaal en als daarbij bloedverlies optreedt, is de mest niet rood maar zwart van kleur. Het schaap verliest veel vocht en kan sterk vermageren. De besmetting verloopt via de mest en is microscopisch via de dierenarts aan te tonen. Regelmatig verweiden en mestonderzoek zijn goede maatregelen om deze ziekte binnen de perken te houden. Er bestaan goede preventieve en curatieve geneesmiddelen tegen deze ziekte.

 

Diarree

Diarree is meestal het gevolg van verkeerde voeding. Zorg altijd voor voldoende ruwvoer in de voeding en voorkom een eenzijdig voedingspatroon. Ook komt diarree als bijverschijnsel voor bij het voorkomen van bepaalde parasieten zoals coccidiose of sommige maagdarmwormen. Bij diarree is het zaak uitdroging te voorkomen. Belangrijk is dat een juiste diagnose wordt gesteld om een doeltreffende behandeling te kunnen inzetten. Een oud huismiddeltje is het geven van  hooithee. Die maakt u door een pluk hooi een dag in een emmer lauw water te laten trekken en het daarna als drinkwater te verstrekken.

 

Ecthyma

Ook wel zere bekjes ziekte genoemd of bekschurft. Deze ziekte wordt veroorzaakt door het Ecthyma contagiosum virus en begint met blaasjes en donkere korstjes op de lippen en rond de bek. De uier kan ook besmet worden. Het wordt veroorzaakt door een aan pokken verwant virus en is zeer besmettelijk. Als u deze ziekte niet snel behandelt, zullen de korsten groter worden en tot bloedens toe verzweren. Pas op dat u geen direct contact met de korsten krijgt en was uw handen na aanraking, want deze ziekte kan op mensen overgaan.

 

Engelse ziekte (rachitis)

Dit is een zogenoemde gebreksziekte. De oorzaak is een tekort aan vitamine D en/of zonlicht vaak in combinatie met een disbalans van calcium en fosfor in het rantsoen.De lange beenderen van een schaap verkrommen en ook beenwoekeringen rond de beengroeinaden komen voor. Deze problemen worden vooral waargenomen van dieren die nog in de groei zijn. Behandel het betreffende dier in overleg met  de dierenarts.

 

Enterotoxemie

Deze ziekte is ook bekend onder de naam 'het bloed' of 'weeldeziekte'. Oorzaak is een te rijke voedering. Bacterien (Clostridium perfringens) die onder normale omstandigheden geen schade aanrichten, kunnen dan 'op hol slaan', door de darmwanden heendringen en via het bloed dodelijke beschadigingen in de hersenen veroorzaken. Behandeling is haast niet mogelijk vanwege het korte en heftige verloop van de ziekte. Preventief kunt u de dieren tegen deze ziekte enten.

 

Leverbot

Fasciola hepatica is een parasitaire platworm die de lever beschadigt. De besmetting verloopt via de leverbotslak, Limnea trunculata, die als tussengastheer optreedt. Deze slakjes leven op de grens van water en grond. De metacercarien, de besmettelijke stadia van de leverbot, worden ook ingekapseld gevonden op  grashalmen. Vooral in natte perioden of natte weiden. Bij schapen komen twee vormen voor: de acute leverbotziekte waarbij de schapen plotseling dood gevonden worden en de chronische leverbotziekte. De verschijnselen bij deze chronische vorm zijn langzame vermagering, grauwe open vacht, de dieren worden traag, slijmvliezen worden bleek en algemene bloedarmoede treedt op. Tegen leverbot bestaat een goede behandeling.

 

Lintwormen

Lintwormen zijn lange platte wormen die zich als parasieten in de darmen kunnen bevinden. De kop van de worm hecht zich aan de darmwand, waarna geledingen kunnen aangroeien. Als die rijp zijn, worden ze uitgescheiden met de zich daarin bevindende eitjes. Deze wormsegmenten vindt u terug als 'witte rijstkorrels' in  de mest. Deze kunnen de schapen herbesmetten. Met een passend wormmiddel zijn ze goed te bestrijden.

 

Listeriose

De oorzaak van Listeriose is een grondbacterie, de Listeria monocytogenes. Er bestaan verschillende vormen van deze ziekte. Let op: besmetting kan gevaarlijk zijn voor de mens. Besmette dieren kunnen namelijk de besmetting doorgeven via de melk en zo komen de ziektekiemen in de zgn. rauwmelkse kaas terecht.

Mensen met iets mindere weerstand zoals jonge kinderen, oudere mensen en zwangere vrouwen moeten daarom oppassen met ongepasteuriseerde melk(producten). Gelukkig komt deze ziekte weinig onder schapen voor. Kenmerken voor deze ziekte zijn o.a. de zogenaamde ingewandslisteriose, waarbij abortus optreedt of sterfte onder zeer jonge lammeren. Meestal is de lever dan aangetast, waardoor ook geelzuchtachtige verschijnselen optreden. In een vroeg stadium is met antibiotica nog wel genezing mogelijk. De verzorger van een ziek schaap met Listeriose moet ervoor zorgen dat het dier voldoende drinkt.

 

Maagdarmwormen

Dit zijn de wormen die nogal eens bij schapen voorkomen. De wormen hechten zich aan de slijmvliezen van maag en darmen. Daardoor ontstaan hevig irriterende ontstekingen. De dieren kunnen het voedsel niet meer goed verwerken, waardoor diarree en vermagering onstaat. De vacht wordt dof en stug. Later gaan de dieren ook met kromme rug staan treuren. Er bestaan verschillende maagdarmwormen, elk met hun eigen problemen en bestrijdingsmogelijkheden. Ze kunnen veel schade veroorzaken, in ieder geval verminderde groei. Volwassen wormen leggen in de maag en darmen hun eieren, die met mest op het land komen waar zich de larven ontwikkelen. Deze worden door grazende schapen opgenomen, waardoor een zogenaamde kringloopbesmetting ontstaat. De ziekte is goed te bestrijden met de periodieke verstrekking van een pil tegen wormen. Het belangrijkste is een goed weidemanagement om problemen zo veel mogelijk te voorkomen. Op geleide van mestonderzoek is gericht behandelen gewenst.

 

Myasis

Myasis is een ziekte die ook wel huidmadenziekte wordt genoemd. Als een schaap met myasis niet behandeld wordt, kan het doodgaan. Vooral bij vochtig, warm weer leggen groenglanzende bromvliegen hun eitjes op het schaap bij de wortels van de wol, vaak op de achterhand waar mest aan de wol kleeft, maar soms ook gewoon op de rug, lendenen of schouders. De maden  voeden zich met huidvocht en schilfers en als u ze niet op tijd bestrijdt, vreten ze zich een weg naar binnen, het (dan nog) levende schaap in. Een schaap met myasis zondert zich vaak af, is schrikachtig of blijft lusteloos liggen terwijl de rest van de kudde op stap gaat, en kijkt om naar de aangetaste plek of maakt met de onderkaak krabbende bewegingen in de lucht. Omdat de maden de huid opzoeken, zijn ze niet zichtbaar zonder de wol opzij te vouwen, maar vaak is er van een afstandje wel een vochtige baan op de wol waar te nemen, die begint op de plaats waar de maden zich bevinden en naar beneden afloopt. Om de maden te doden, begiet u het hele schaap met een in water opgelost bestrijdingsmiddel. Dit werkt meteen een aantal dagen preventief tegen nieuwe besmetting.

Behandeling: wol wegknippen en later verbranden of zo opruimen dat er geen nieuwe vliegen uit kunnen komen; made wegspoelen en behandelen met bestrijdingsmiddel, eventueel in combinatie met een antibioticum.

Myasis komt bijna niet voor in korte wol. Een keer extra scheren kan het risico verkleinen. Winterscheer beschermt het schaap de eerste maanden tegen een vroege besmetting. Hierdoor kan de vlieg niet goed terecht bij het schaap en kan ze minder generaties produceren. Dit heeft het voordeel dat het aantal vliegen en dus de infectiedruk voor de rest van de zomer lager zal zijn.  Alleen het onderstel scheren is ook een optie. Vieze wol en urine in de wol trekt de vleesvlieg aan. Bij dieren met lange staarten, die een met mest besmeurde achterhand hebben moet men extra opletten.

 

Schmallenbergvirus

Het Schmallenbergvirus is een virus dat ziekte en geboorteafwijkingen veroorzaakt bij runderen, schapen en geiten. Veel misvormde lammeren worden dood geboren, de andere zijn niet levensvatbaar. Opmerkelijk daarbij is dat er soms  in één worp gezonde en zieke lammeren geboren worden. Het virus behoort tot de orthobunyavirussen. Vooral de soort Culidoides absoletus speelt een belangrijke rol. Er zijn vooralsnog geen aanwijzingen dat het virus ook mensen zou kunnen besmetten. Het virus is aangetoond op knutten, waarmee het vermoeden is bevestigd dat de knut, een zeer klein steekvliegje dat ook verantwoordelijk is voor de verspreiding van hetblauwtongvirus, de verspreider zou kunnen zijn. Er is vooralsnog nog geen enkele directe besmetting van dier op dier aangetoond. De voedselveiligheidsorganisatie EFSA gaat ervan uit dat een dier dat eenmaal met het virus in contact is geweest voor de rest van het leven immuun is.

 

Schurft

Schurft wordt veroorzaakt door een kleine zuigmijt. Deze voedt zich met schilfers en dergelijke uit de wol en op de huid. De mest van deze mijt veroorzaakt een allergische reactie waardoor huidproblemen ontstaan. Schapen met schurft kunnen elkaar besmetten. De dieren hebben veel jeuk en schuren zich op het laatst voortdurend. 's Winters vermeerderen de mijten zich sneller dan 's zomers. Naast jeuk komt ook sterke vermagering, woluitval en huidveranderingen voor. Zwaar aangetaste dieren zullen uiteindelijk sterven. Er bestaan overigens goede bestrijdingsmiddelen tegen deze vervelende ziekte.

 

Scrapie

Scrapie is een besmettelijke aandoening van het zenuwstelsel bij schapen en geiten. De aandoening leidt tot een sponsachtige structuurverandering van de hersenen. De verschijnselen treden in de regel op vanaf een leeftijd van anderhalf jaar. Schapen die lijden aan scrapie vertonen vaak afwijkend gedrag: 'dromen' met de kop naar beneden, geen koppelgedrag, erg schrikachtig zijn en soms trillen over het hele lichaam. Daarnaast schuurt een deel van de dieren zich overal aan en vermagert het zieke dier. Na een lange incubatietijd en een slepend verloop eindigt de ziekte altijd met de dood. Als scrapie wordt vastgesteld, moeten de gevoelige dieren worden geruimd. Door bloedonderzoek is de gevoeligheid voor deze ziekte vast te stellen.Tot voor kort was een maatregel ter voorkoming van de ziekte dat voor de fokkerij alleen maar scrapievrije rammen mochten dekken, maar deze maatregel is om praktische redenen opgeheven. Het blijft verstandig om ARR-rammen in te zetten. Dit voorkomt ruiming van de schapen. Behandeling van de ziekte is niet mogelijk. Scrapie behoort net als BSE, tot de TSE's (transmissible spongiform encephalopathies).

Zie ook: www.gddiergezondheid.nl/diergezondheid/dierziekten/de-ziekte-scrapie

 

Uierontsteking

Mastitis wordt meestal veroorzaakt door streptococcen, staphylococcen en pasteurellabacterien. De uier voelt dan warm aan en de melk is vaak wat gelig en bevat vlokjes. Soms verloopt de ziekte zo heftig dat een uier(helft) compleet onbruikbaar wordt. Een kwalijker vorm is de zogenoemde blauwuier, waarvan de blauwe kleur en het koud aanvoelen kenmerkend zijn. Hierbij kan het ziekteproces zeer snel verlopen, waardoor u soms te laat ziet wat er gaande is. Soms geneest een dier hier niet van en gaat een deel van de uier verloren, of sterft het dier zelfs. Bij uierontsteking is de dierenarts nodig om een juiste behandeling in te stellen. Hoe vroeger u erbij bent, hoe beter dat is.

 

Zwoegerziekte

Deze virusziekte heeft vaak een langzaam verloop en wordt gekenmerkt door een moeizame en later pompende ademhaling. Vermagering, en later algemene aftakeling, leiden uiteindelijk tot de dood. De besmetting gaat vaak van de ooi op de lammeren over, die echter (veel) later pas ziek worden. De uitgeademde lucht van oude dieren veroorzaakt ook besmetting! Er is geen geneesmiddel tegen de ziekte. Er loopt in Nederland een uitgebreid bestrijdingsprogramma en de meeste schapenhouders die fokschapen houden zijn intussen zwoegervrij. Als u dieren aanschaft, vraag dan om een zwoegervrij verklaring!

 

Voor elke schapenhouder bestaat een uitstekende website: www.gddiergezondheid.nl/

Deze site geeft heel veel goede voorlichting over het voorkomen en behandelen van ziekten. Raadpleeg deze van tijd tot tijd.

 

Boek: 'Gezonde schapen'

Uitgeverij: Eisma Buinessmedia bv

Auteur: Piet Vellema

ISBN: 978 9053 220 382

Alles over voorkomen, herkennen en genezen van ziektes.